3484815824_bc6722a9d8_mSom­mi­gen cri­tici stel­len dat de zorg­vi­sie Inte­gra­tive Medi­cine (IM) “nieuwe wijn in oude zak­ken is” en eigen­lijk alleen een voor­be­eld van “goed art­sens­chap”. En inder­daad is IM een vorm van “goed art­sens­chap”. Daar­bij han­te­ert IM ten opzi­chte van de reguli­ere gezond­heidszorg een ander uit­gangs­punt, name­lijk niet die uit­gaat van ziekte en beper­king zoals in de klas­sieke visie maar van gezond­heid en moge­li­j­k­he­den. Bin­nen IM wordt actief gebruik gemaakt van nor­male, gezonde fysi­o­lo­gi­s­che pro­ces­sen ten beho­eve van genezing en ter voor­ko­m­ing van ziekten.

Klas­sieke kijk op pijn
Het ver­s­chi­jn­sel pijn leent zich uit­ste­kend om de waarde van een aan­pak vol­gens de prin­cipes van Inte­gra­tive Medi­cine dui­de­lijk te maken. Pijn lijkt op het eer­ste gezi­cht een puur licha­me­li­jke erva­ring. De klas­sieke kijk op pijn is dat de mate van erva­ren pijn even­re­dig is aan de mate van onts­tane weef­sels­chade.
Stel je voor: je brandt je vin­gers aan een kaar­sv­lam. Direct wordt deze infor­ma­tie via pijn­re­cep­to­ren in je huid door­ge­ge­ven aan de dunne afvo­e­rende A-delta en C-vezels van de gevo­elsze­nuw van je hand. Deze trans­por­te­ert de infor­ma­tie naar de ach­ter­ho­orn van je rug­gen­merg en via opsti­j­gende banen komt de infor­ma­tie in je her­se­nen tere­cht. Ech­ter nog voor­dat je je bewust bent van de pijn, heb je je hand al terug­ge­trok­ken en wrijf je met je andere hand over de pijn­li­jke plek. Dit wri­jven acti­ve­ert de drukre­cep­to­ren in je huid welke hun infor­ma­tie via de dikke afvo­e­rende A-alfa vezels van de gevo­elsze­nuw eve­ne­ens naar de ach­ter­ho­orn van je rug­gen­merg trans­por­te­ren. Het hele pro­ces is als een esta­fet­te­race waar­bij het stokje tel­kens aan een ander wordt door­ge­ge­ven.
Sinds Melzack en Wall in 1965 hun “gate con­trol” the­o­rie lan­ce­er­den is er ste­eds meer wetens­chap­pe­lijk bewijs geko­men dat de klas­sieke kijk op pijn niet lan­ger houd­baar is. Hun “poort­t­he­o­rie” houdt in dat op diverse pun­ten van de esta­fet­te­race van het pijn­sig­naal zich zoge­naamde poor­ten bevin­den die het pijn­sig­naal kun­nen onder­d­ruk­ken, door­la­ten of verer­ge­ren. Deze poor­ten staan onder con­trole van de her­se­nen via zoge­naamde neu­ro­mo­du­la­to­ren die hun invloed uito­e­fe­nen op de plaats waar infor­ma­tie­over­dra­cht plaatsvindt tus­sen de zenuwu­i­te­in­den, de synap­sen. Som­mi­gen neu­ro­mo­du­la­to­ren lij­ken sterk op het pijn­stil­lende mor­fine zoals de endor­fi­nen en de enke­fa­li­nen en kun­nen het pijn­sig­naal blok­ke­ren. Ande­ren, zoals sub­stan­tie P en cho­le­cy­stoki­nine (CKK) doen de pijn juist verer­ge­ren waars­chi­jn­lijk via hun rem­mende invloed op de endorfinen.

Het pla­cebo effect
Hoop en verwa­ch­ting bli­j­ken een toe­name van de endor­fi­nen en enke­fa­li­nen tot gevolg te heb­ben. Dit werd o.a. aan­ge­toond in een expe­ri­ment van Benetti waa­rin de pro­ef­per­so­nen kort een elek­tri­s­che schok kre­gen toe­ge­di­end. De fysi­o­lo­gi­s­che veran­de­rin­gen ten gevolge van de pijn zoals een ver­hoogde hart­slag, blo­ed­d­ruk en tran­spira­tie wer­den vast­ge­legd. Hierna gaf een arts in een witte jas de pro­ef­per­soon een injectie met mor­fine waar­bij hij ver­telde dat de pro­ef­per­soon geen pijn meer zou erva­ren. Opnieuw werd er een schok toe­ge­di­end maar de fysi­o­lo­gi­s­che rea­ctie op pijn bleef uit. Deze rea­ctie bleef ook uit indien de arts hierna een injectie gaf niet met mor­fine maar met fysi­o­lo­gi­sch zout, het pla­cebo effect. Ver­vol­gens gaf de arts, wederom zon­der te pro­ef­per­soon te infor­me­ren, een injectie met Nalaxon, een stof die de recep­to­ren voor mor­fine, endor­fi­nen en enke­fa­li­nen blok­ke­ert waar­door de aan­ge­maakte neu­ro­mo­du­la­to­ren hun werk niet meer kun­nen doen. Nu vond de fysi­o­lo­gi­s­che rea­ctie op pijn wél plaats. Het bli­jkt dus dat geda­ch­ten die onder invloed staan van visu­ele, audi­tieve en tacti­ele infor­ma­tie, licha­me­li­jke ver­s­chi­jn­se­len kun­nen beïn­vlo­e­den.
Maar ander­som werkt het ook. Als je lichaam niet goed fun­ctio­ne­ert, zen­den je zenuwen sig­na­len uit zoals pijn, die gevo­e­lens van angst, ongerust­heid en zelfs wan­hoop kun­nen sti­mu­le­ren. Voor je het weet kom je in een vicieuze cir­kel. Je voelt pijn vanwege je ziekte, die je het gevoel van hope­loos­heid geeft. Hier­door wor­den er min­der endor­fi­nen en enke­fa­li­nen gepro­du­ce­erd en komt er meer CCK vrij waar­door je min­der hoop hebt. Hoe meer pijn hoe min­der hoop. Het is dus zaak deze vicieuze cir­kel te door­bre­ken. Zowel door de fysieke behan­de­ling van de pijn als ook door het geven van een hoop. Het geven van sle­chts een sprankje hoop doet de pijn al iets afne­men waar­door de hoop toe­ne­emt, waar­door de pijn ver­der ver­min­dert etc.

Bewezen inte­r­a­ctie tus­sen lichaam en geest
IM kent vier pij­lers. Door het boven­staande moge dui­de­lijk zijn dat bin­nen pij­ler één, de arts heeft een coa­chende rol en de patiënt is mede regis­seur, de hou­ding en de woor­den van de behan­delaar van de patiënt met pijn of van de patiënt die pijn kan verwa­ch­ten bij­vo­or­be­eld omdat hij een ope­ra­tie zal onder­gaan, essen­tieel zijn. Begrijp me goed: IM is geen pleit­bezor­ger voor het geven van onre­a­li­sti­s­che hoop of het onge­brei­deld voors­chri­jven van placebo’s. IM maakt gebruik van de bewezen inte­r­a­ctie tus­sen lichaam en geest om zel­f­ge­nezende ver­mogens van de patiënt te acti­ve­ren. Dit kan door je als arts bewust te zijn van de impact van je hou­ding en je woor­den als ook door de patiënt actief te betrek­ken bij zijn eigen genezings­pro­ces in het door­bre­ken van de vicieuze cir­kel van pijn. Wan­de­len in de bui­ten­lu­cht ver­be­tert de stem­m­ing. Meer posi­tieve emo­ties wor­den erva­ren en de patiënt kan hoop kri­j­gen op ver­be­te­ring van zijn licha­me­li­jke situ­a­tie. Daar­naast geeft het lichaam door de ver­be­te­ring van uit­hou­dings­ver­mogen en spi­er­kra­cht sig­na­len af dat “het beter gaat”. Dit kan eve­ne­ens hel­pen de vicieuze cir­kel van pijn en wan­hoop te doorbreken.

Expli­ciet ruimte voor pre­ven­tie
Het belang van IM pij­ler twee: er is expli­ciet ruimte voor pre­ven­tie en life-style inter­ven­ties, is ook inzi­ch­te­lijk te maken aan de hand van het ver­s­chi­jn­sel pijn. Tegenwo­or­dig kijkt nie­mand meer vre­emd op als hij vóór de ope­ra­tie al pre­ven­tieve pijn­stil­lers kri­jgt toe­ge­di­end omdat ruims­choots is aan­ge­toond dat hier­door min­der vaak en min­der ern­stige posto­pe­ra­tieve pijn optre­edt. Onderzoek, bij­vo­or­be­eld naar het effect van de CD “Gezonde Ver­be­el­ding ron­dom ope­ra­ties”, heeft aan­ge­toond dat ook door pre­o­pe­ra­tief ontspan­nings– en visu­a­li­sa­tieo­e­fe­nin­gen te doen het gebruik van pijn­me­di­ca­tie na de ope­ra­tie ver­min­dert. Door medi­ta­tie in te bouwen in het dage­li­jks leven wordt je opti­mi­sti­s­cher waar­door je pijn­be­le­ving afne­emt. Bin­nen de behan­de­ling van pijn is er vol­gens IM een plek voor bewezen effectieve en vei­lige alter­na­tieve en com­ple­men­taire behan­de­lin­gen (pij­ler drie). Te den­ken valt aan het gebruik van het kruid Devil’s claw (Har­pa­gop­hytum pro­cum­bens) bij gewrichts-, rug– en hoof­d­pijn. Wel dient er reke­ning gehou­den te wor­den met diverse bijwer­kin­gen en de inte­r­a­cties bij patiën­ten die medi­ca­tie gebru­i­ken vanwege hart– en vaatziek­ten, dia­be­tes en maag­pro­ble­ma­tiek. De heilzame wer­king van mas­sage en de rol van oxyto­cine bij pijn­re­ductie heb ik reeds in het juli num­mer 2008 van het Sup­ple­ment beschre­ven en de rol van mind­ful­l­ness bij de behan­de­ling van pijn is met het werk van Jon Kabat-Zinn onom­sto­te­lijk vast komen te staan.

Tenslotte is uit het boven­staande hel­der dat ook in het geval van effectieve pijn­be­stri­j­ding wer­ken in een gezonde omge­ving, pij­ler vier van IM, van belang is. ook het effect van er wordt gewerkt in een gezonde omge­ving, vanuit het ver­s­chi­jn­sel pijn te begri­j­pen. Bij een gezonde omge­ving moet je niet alleen den­ken aan vol­do­ende frisse lucht, gro­ene plan­ten en het jui­ste kleur­ge­bruik maar ook aan een gezonde soci­ale omge­ving. In een omge­ving waar respect­vol met elkaar wordt omge­gaan en waar je je pret­tig voelt heb je min­der last van pijn.

Bron­nen

- “Prin­cip­les of neu­ro­logy”; Ray­mond Adams en Maurice Victor; McGraw-Hill; 1998
– “Emo­tio­nele intel­li­gen­tie”; Daniel Gole­man; Con­tact; 1996
– “De ana­to­mie van hoop”; Jerome Groop­man; Kos­mos; 2004
1) de arts heeft een coa­chende rol en de patiënt is mede regis­seur
2) er is expli­ciet ruimte voor pre­ven­tie en life-style inter­ven­ties
3) er is een plek voor bewezen effectieve en vei­lige alter­na­tieve en com­ple­men­taire behan­de­lin­gen
4) er wordt gewerkt in een gezonde omgeving